Strodekken

Strodekken

Goedgekeurd door Sociale Partners
Getoetst door Inspectie SZW

Strodekken is niet zonder risico’s. Om ongevallen te voorkomen is het noodzakelijk om conform onderstaande afspraken te werken. De touwafhaler op de strodekmachine bestaat uit een draaiende as waarmee het touw om de strobalen vandaan wordt getrokken. Wanneer de draaiende as door de handen wordt benaderd, is er kans op beknelling en ernstig (soms blijvend) letsel. Ook is er valgevaar van het strodekdak.
Vallende balen vormen ook een groot risico. Dat kan gebeuren nadat er van een instabiel geworden lading de spanbanden losmaakt worden of doordat er met een verreiker balen van de wagen afgetikt worden of door balen die  alsnog beginnen te schuiven.

Wat is de gewenste situatie?

De werkplek en werkomgeving op en bij de strodekmachine zijn zo veilig en gezond mogelijk.

Beknellingen worden voorkomen door afschermingen of tweehandenbedining.

Er wordt voorkomen dat personen geraakt kunnen worden door vallende strobalen.

Er wordt voorkomen dat personen van hoogte vallen.

Maatregelen

Zorg dat de Risico's behorende bij het strodekken en de daarbij behorende maatregelen zijn opgenomen in een RI&E en een Plan van Aanpak.

Alle betrokkenen zijn aantoonbaar opgeleid / getraind en voorgelicht .

Zorg voor duidelijke afspraken over de wijze van werken, en zorg ervoor dat medewerkers een aantoonbare mondelinge en schriftelijke instructie hebben ontvangen.

De machines/arbeidsmiddelen zijn CE-gemarkeerd zijn, met bijbehorende de Nederlandse gebruikershandleiding en de Verklaring van Overeenstemming (Conformiteitsverklaring).

Maak een keuze uit één van de drie volgende systemen:
1. Werk met een automatische touwafhaler, of;
2. Zorg dat de touwen zijn verwijderd, voordat de balen met een klemsysteem op het strodekdak worden geplaatst, of;
3. Zorg voor een tweehandenbediening waarbij het geheel CE gemarkeerd is.

Opgangen en werkvloeren vanaf een hoogte van 0,5 meter van de strodekmachine is veilig en gezond te gebruiken. Valgevaar wordt voorkomen.

Toelichting op de maatregelen

Organisatie en voorbereiding

  • Gebruik, indien mogelijk, een strodekmachine met een automatische touwafhaler. Hiermee kan er een medewerker op het strodekdak worden uitgespaard en ongelukken worden voorkomen.
  • Stel de gebruiksaanwijzing en bedrijfsspecifieke instructies in een begrijpelijke vorm (rekening houdend met taal en opleiding) ter beschikking van de werknemers.
  • Maak goede onderlinge afspraken tussen loonbedrijf en opdrachtgever over de losplaats van het stro en de wijze van het lossen van het stro.
  • Maak goede onderlinge afspraken tussen de trekkerchauffeur en de medewerker op het strodekdak over wanneer de machine te stoppen.
  • Laat wanneer er een medewerker op het strodekdak staat een ervaren/bekwame chauffeur op de trekker rijden, die rustig draait en keert, om te voorkomen dat de werknemer op het dak heen en weer wordt geslingerd.
  • Werk niet op hoogte zonder het nemen van maatregelen om het valgevaar tegen te gaan.
  • Zorg er voor dat trekkerchauffeur en medewerker goed contact kunnen houden en dat de chauffeur zicht heeft (eventueel camera en monitor) op het strodekdak.
  • Beoordeel de veiligheid van de machine (Richtlijn Arbeidsmiddelen / Arbobesluit hoofdstuk 7) en de werkplek op het dak voor het seizoen begint.
  • Zorg er voor dat voldoende warme, nauwsluitende kleding wordt gedragen (zonder rafels aan mouwen, sjaals, en dergelijke). Geef medewerkers de mogelijkheden om zich te beschermen tegen blootstelling aan stof.
  • Zorg dat medewerkers zich houden aan de punten in de checklist. Maak bijv. een afdruk van de checklist, bespreek deze en noteer de datum en vraag een handtekening van de medewerker.
  • Maak afspraken over het lossen van strobalen. Zorg ervoor dat de wagens met stro zo vlak mogelijk staan bij het lossen. Maak spanbanden op een veilige manier* los en loop nooit achter een wagen door die via de andere zijde geladen of gelost wordt.
    *De spanbanden eerst iets oplossen (losser zetten) daarna de stapel controleren en wanneer de stapel stabiel staat pas de spanbanden verder los maken.

Gereedschap, machines en apparaten

 

 

  • Werk met een machine die is voorzien van een CE-markering (typeplaatje). Laat oudere machines (van voor 1995) beoordelen door een veiligheidskundige en eventueel aanpassen. (Zie ook arbocatalogus: Machineveiligheid algemeen).
  • Controleer regelmatig of nog veilig met de strodekmachine gewerkt kan worden. Zorg voor een jaarlijkse keuring en toereikend goed onderhoud.
  • Ga na of alle aandrijvende delen (met name aftakassen) volledig zijn afgeschermd. Bewegende delen die gevaarlijk zijn moeten doeltreffend zijn afgeschermd, rekening houdend met de normen omtrent veiligheidsafstanden. 
  • Een andere oplossing is om een systeem te gebruiken waarbij de touwen op de grond verwijderd worden en de balen zonder touw met een klem op het strodekdak geplaatst worden.
  • Wanneer de inzet van een automatische touwafhaler of een systeem waarbij de balen zonder touw op het dak worden gezet niet (economisch) haalbaar zijn (bijvoorbeeld wanneer de machine maar een beperkt aantal dagen per jaar wordt gebruikt), werk dan met een tweehandenbediening waarbij de knoppen tegelijk moeten worden ingedrukt, om de touwafhaler in werking te stellen. Deze tweehanden bediening moet voldoen aan NEN-EN 574 en het geheel moet CE gemarkeerd zijn. (Zie voor een beknopte omschrijving van deze norm BIJLAGE 1 Eisen aan een twee handenbediening.). Laat dan geen tweede persoon boven op de machine toe.
  • Zorg dat het hekwerk rondom het strodekdak voldoende hoog is met een leuning op 100 tot 110 cm boven het werkvlak, met op circa 55 cm een knieleuning en onder een voetlijst op circa 5 cm hoogte, zodat de voet niet van het platform af kan glijden en het reinigen van het strodekdak niet wordt belemmerd. Zorg dat het hekwerk voorzien is van een veilige sluiting. 
  • Schakel bij onderhoud en opheffen van storingen de machine uit en zorg dat de contactsleutel is verwijderd. (Zie ook arbocatalogus: Verstoppingen en storingen oplossen en machines onderhouden).

Opleiding en instructie

  • Zorg dat de bedieners van de strodekmachine deskundig zijn en dat zij een aantoonbare instructie en training hebben ontvangen.
  • Bespreek de bijzonderheden en gevaren voor aanvang van het werk.
  • Bespreek ongevallen en bijna-ongevallen (leren van ongevallen) die op het bedrijf of in de sector hebben plaatsgevonden, ook om te bezien of aanpassingen in de organisatie van het werk of technische verbeteringen het werken veiliger kunnen maken

Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Stel nauwsluitende werkkleding (en voldoende warm) beschikbaar (afgestemd op de vaak koude omstandigheden), veiligheidsschoenen (minimaal klasse S1) met slipvaste zolen en goed aansluitende werkhandschoenen (EN 388).
  • Zie er op toe dat deze middelen worden gedragen.
  • Stel een stofbril en stofmasker (FFP2) beschikbaar en geef mensen instructie wanneer en hoe deze gedragen / vervangen moeten worden.

 

- P1-stoffilters beschermen tegen inert stof (10 mg/m3);
- P2-stoffilters beschermen tegen stof met een grenswaarde tussen 0,1 en 10 mg/m3; 
- P3-stoffilters beschermen tegen stof met een grenswaarde kleiner dan 0,1 mg/m3.