Verstoppingen en storingen oplossen

Verstoppingen en storingen oplossen

Goedgekeurd door Sociale Partners
Getoetst door Inspectie SZW

Dit onderdeel van de arbocatalogus gaat over het oplossen van storingen die zich voordoen tijdens het werk en worden uitgevoerd door de medewerker die op dat moment de machine bedient. Als er een storing is, zal er vooral aandacht zijn voor een snel herstel van de situatie. Hierbij ontstaan er verschillende veiligheidsrisico’s, bijvoorbeeld: aanraking met (nog) draaiende delen van de machine, beknelling, kantelen van machine of aanrijdgevaar.  

Werkzaamheden met betrekking tot onderhoud (door onderhoudsmedewerkers), worden in een andere stuk behandeld:
Werken in de werkplaats. Er is ook een apart stuk dat gaat over de veldhakselaar waar wordt ingegaan op verstoppingen en stortingen.

Wat is de gewenste situatie?

Er wordt gewerkt met goed onderhouden en deugdelijke (CE-gemarkeerde) arbeidsmiddelen.

Er zijn maatregelen getroffen om te zorgen dat het oplossen van storingen tijdens het werk veilig kan gebeuren.

Medewerkers die storingen mogen oplossen zijn hiertoe aangewezen voorgelicht en hebben aantoonbaar onderricht (theorie/praktijk) / training (praktijk) gehad.

Maatregelen

Vervang storingsgevoelige machines door minder storingsgevoelige arbeidsmiddelen of werkwijzen

Leg vast (en zie hierop toe) dat medewerkers nooit storingen mogen oplossen aan machines die nog draaien. 

Maak afspraken over de werkwijze bij het opheffen van storingen aan machines. Leg deze afspraken vast en zorg dat deze altijd te bekijken zijn.

Zorg dat de kennis en ervaring van medewerkers op het werk is afgestemd. Zie meer informatie bij afspraken en instructie in de toelichting. 

Voorzie medewerkers van de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen die passen bij de werkzaamheden die worden uitgevoerd.

Toelichting op de maatregelen

Veiligheid machines

  • Besef dat een goed werkende en storingsvrije machine de veiligheid ten goede komt. Raadpleeg bij de aanschaf van een nieuwe machine eventueel vakgenoten.
  • Bespreek veelvoorkomende of moeilijk op te lossen storingen met de leverancier van de machine. Zeker wanneer een storing nog nergens staat beschreven.
  • Werk met een CE-gemarkeerde machine, inclusief Nederlandstalige gebruikshandleiding. Niet CE gemarkeerde machines (van voor 1995) moeten voldoen aan de Richtlijn Arbeidsmiddelen.
  • Zorg dat waarschuwingspictogrammen, voor overgebleven restrisico’s, aanwezig zijn en leesbaar blijven.
  •        

Gereedschappen 

  • Zorg dat de medewerkers de juiste gereedschappen bij zich hebben om kleine storingen op te heffen. Het kan nodig zijn om speciaal gereedschap voor bepaalde machines te gebruiken.
  • Zorg voor goede voorzieningen om op hoogte aan een machine te kunnen werken. Denk hierbij aan een rolsteiger, trap, etc.

Afspraken

  • Leg afspraken vast en zorg dat deze altijd te bekijken zijn. Zorg dat in deze afspraken in ieder geval de volgende onderwerpen aan bod komen:
    • In welke situatie (bij welke machines en bij welke type storingen) een medewerker zelf de storing mag oplossen en wanneer een deskundige moet worden ingeschakeld;
    • Dat medewerkers geen storingen oplossen aan machines die nog draaien. Dit betekent altijd de sleutel uit het contact halen. 
    • Rolverdeling wanneer meer collega’s (of omstanders) zich in de nabije omgeving van de machine bevinden;
    • Waar en hoe storingen worden gemeld (ook als ze zijn opgelost).
    • Is een storing alleen op te lossen bij een draaiende machine, dan moet dit altijd gebeuren door een deskundige (opgeleide monteur of het mechanisatiebedrijf).
    • Zorg dat medewerkers weten dat zij niet op een machine mogen klimmen als daar geen goede voorzieningen voor aanwezig zijn (zoals een vaste opgang, een bordes met leuningwerk, veiligheidsbeugel of reling).
  • Zie voor wat jeugdigen wel en niet mogen het onderwerp Jongeren.

Instructie

  • Laat de leverancier een uitgebreide instructie verzorgen aan de betrokkenen.
  • Geef medewerkers voorlichting en instructie (theorie/praktijk) over het juiste gebruik van de machine en over het verhelpen van storingen. Aan de orde dienen te komen: de werking van de machine, de gevaren, het onderhoud en het veilig oplossen van storingen.
  • Leg vast wie er hebben deelgenomen aan de voorlichting en instructie.


Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Zorg voor de persoonlijke beschermingsmiddelen volgens de voorschriften uit de gebruikershandleiding. Bijvoorbeeld:
    • Draag altijd veiligheidsschoenen (minimaal klasse S1)
    • Snijbestendige handschoenen bij gevaar voor verwonding aan scherpe delen 
    • Chemisch bestendige handschoenen bij gevaar voor contact met gevaarlijke stoffen 
    • Gehoorbescherming bij werkzaamheden met schadelijk geluid. 
    • Signaalkleding bij het werken langs de weg.

Meer informatie

Toetsing Arbeidsinspectie

Dit onderwerp in de Arbocatalogus is positief getoetst door de Nederlandse Arbeidsinspectie op de volgende artikelen uit het Arbobesluit: