Veiligheid in de omgang met paarden

Veiligheid in de omgang met paarden

Een paard is een kuddedier. In de omgang dient rekening te worden gehouden met zijn natuurlijke instincten en reflexen. Denk hierbij aan schrikken en het vluchtgedrag dat hier een gevolg van kan zijn. In de kudde heeft een paard een leider, of is zelf de leider (meestal een leidende merrie). Als begeleider/verzorger/ruiter moeten wij de leider zijn. Dit betekent duidelijk en consequent zijn in de omgang met het dier. Bij twijfel neemt het paard het initiatief over.
De begeleiding van hengsten vraagt een bijzondere aanpak en is alleen geschikt voor professionals, die gewend zijn met hengsten om te gaan.

Wat is de gewenste situatie?

Begeleiders/verzorgers worden niet verwond door een paard.

Begeleiders/verzorgers zijn bekend met de risico's tijdens verzorgen (poetsen, wassen, toiletteren), trainen, het begeleiden van het paard aan een halster, het in- en uitladen in trailers/vrachtauto's, bekneld raken in boxen, kans op trappen en soms ook bijten en schrikreacties zoals vluchtgedrag.

Maatregelen

Zorg voor voldoende toezicht in de stallen bij werkzaamheden.

Let op het gedrag van paarden en benader paarden op de juiste wijze.

Draag de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen

Toelichting op de maatregelen

Organisatie en voorbereiding

  • Zorg altijd voor toezicht in de stallen, zeker als er veel jeugd aanwezig is. Schreeuwen en rennen is niet toegestaan.
  • Geef nadrukkelijk aan waar kinderen zonder begeleiding beslist niet mogen komen.
  • Geef duidelijk op de box van een paard aan wat specifieke afwijkende stalkenmerken zijn (bijvoorbeeld waarschuwing bijtgedrag).
  • Houd rekening met het toestaan van loslopende of aangelijnde huisdieren.
  • Zorg voor periodiek onderhoud en inspectie van de trailer.

Opleiding en instructie

  • Geef verzorgers en begeleiders instructies over het gedrag van paarden.
  • Zorg dat bij in- en uitladen in een trailer altijd twee personen aanwezig zijn.
  • Als het paard in de trailer staat: altijd eerst de stang achter het paard plaatsen en borgen (denk om uw veiligheid, het paard kan achteruit komen of slaan). Zet het paard vast. Houd bij meerdere paarden rekening met de lengte van het vastzetten. Hierna klep sluiten.

Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Zorg voor veiligheidsschoeisel voor de verzorging en begeleiding van paarden.
  • Zorg voor handschoenen tijdens het longeren. Een striemend, snel uit de hand getrokken touw, kan pijnlijke (brandende) wonden veroorzaken.
  • Bij het begeleiden van hengsten tijdens het dekken (natuurlijk of fantoom) is het dragen van een veiligheidshelm aan te bevelen.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
Foto: cap verplicht

Wat u verder moet weten

Tijdens het berijden van het paard:

  • Zorg ervoor dat het paard op de juiste wijze is opgezadeld (opgetoomd).
  • Draag altijd de juiste rijkleding: rijlaarzen of jophurs in combinatie met stevige chaps zijn belangrijk omdat zij het been goed beschermen en de kans verkleinen dat je vast kom te zitten in de stijgbeugel. Zorg voor passende kleding. Te strakke kleding beperkt de bewegingsvrijheid en te losse of wijde kleding kan het paard laten schrikken.
  • Draag tijdens het rijden een veiligheidshelm die CE- EN 1384 goedgekeurd is. Bij bedrijven, verenigingen en stichtingen die in het bezit zijn van het veiligheidscertificaat uitgegeven door de Stichting Veilig Paardrijden is dit verplicht.
  • Eet geen kauwgom op een paard/pony, dit kan tijdens een onverwachte beweging van het dier in de keel schieten.
  • Niet roken op het paard, wanneer de sigaret of het vuur in aanraking komt met het paard, harnachement of kleding kan dit voor calamiteiten zorgen.
  • Controleer regelmatig het harnachement. Breuk van delen van het harnachement kan voor de nodige ongelukken zorgen.

Meer informatie