Zwerfvuil opruimen

Zwerfvuil opruimen

Goedgekeurd door Sociale Partners
Getoetst door Inspectie SZW

Tot de taken van de hovenier of groenvoorziener behoort het bijhouden van openbaar groen. Het opruimen van zwerfvuil kan risico’s met zich meebrengen. Voorbeelden die niet onder zwerfvuil vallen zijn o.a. kadavers, chemisch afval, asbest en grof vuil. Je kunt “verrast worden” door scherpe voorwerpen als glasscherven, gebruikte injectienaalden en dergelijke. In combinatie met het vuil is er kans op infecties of besmetting. Als bij het opruimwerk niet de juiste beschermende maatregelen worden genomen, kan dat leiden tot gezondheidsklachten.

Wat is de gewenste situatie?

Medewerkers ruimen gevaarlijke voorwerpen op een veilige manier op en worden niet blootgesteld aan gevaarlijke stoffen.

Medewerkers zijn op de hoogte van risicovolle situaties en kunnen preventiemaatregelen toepassen.

Maatregelen

Schat de risico’s vooraf in.

Informeer werknemers periodiek over de risico’s van het werk en hoe hiermee om te gaan.

Gebruik hulpmiddelen (afval zo mogelijk niet met de handen op pakken).

Organiseer het werk zo dat gevaren zo veel mogelijk wordt voorkomen.

Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen afgestemd op de risico's.

Laat gedumpt chemisch afval door een deskundig bedrijf opruimen.

Volg altijd de interne werkinstructies op.

Zorg dat je weet met welk zwerfvuil je te maken kan krijgen.

Voorkom direct contact met zwerfvuil.

Gebruik afvalknijpers, prikkers, een schop of een vork.

Zorg er voor dat de zak waarin het afval verzameld wordt niet te zwaar wordt. Raadpleeg Tillen en dragen.

Waarschuw je leidinggevende bij jerrycans, vaten, bussen, en ander verdacht materiaal.

Maak samen duidelijke afspraken wie welke actie onderneemt.

Meld je leidinggevende bij het vermoeden dat het zwerfvuil asbest bevat.

Gebruik de persoonlijke beschermingsmiddelen zoals afgesproken.

Was je handen voor het eten, drinken of toiletbezoek en bij beëindiging van het werk.

Toelichting op de maatregelen

Organisatie en voorbereiding

  • Zorg ervoor dat er in de organisatie, zowel bij de leiding als bij de medewerkers voldoende kennis aanwezig is over zwerfvuil; het herkennen ervan en het voorkomen van gezondheidsklachten bij het verwijderen en opruimen ervan.
  • Maak duidelijke afspraken binnen het bedrijf over het verwijderen van zwerfvuil, mede op basis van de ervaringen die hiermee zijn:
    • welk afval wordt regelmatig aangetroffen,
    • wat zijn de risico’s hiervan,
    • welk afval mogen zij zelf verwijderen,
    • welke niet en
    • welke maatregelen moeten medewerkers bij het verwijderen van afval treffen om risico’s te voorkomen
  • Zorg dat betrokkenen een aantoonbare werkinstructie hierover hebben ontvangen.
  • Stel afvalknijpers, prikkers, bezem, brede schop, enz. om afval veilig te verwijderen ter beschikking.
  • Spreek af afval waarvan niet duidelijk is welke stoffen / materialen het bevat, door speciaal opgeleide medewerkers of een gespecialiseerd bedrijf wordt opgeruimd. Spreek met medewerkers af dat zij hierover contact opnemen met de leiding, en dat in onderling overleg verdere afspraken worden gemaakt.

Opleiding en instructie

  • Geef instructie over gezondheidsrisico’s en de werkwijze voor het gebied waar zwerfvuil opgeruimd moet worden.

Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Medewerkers gebruiken tijdens het opruimen van zwerfvuil persoonlijke beschermingsmiddelen die afgestemd zijn op de risico’s zoals:
    • Stevige handschoenen (bij werken in hoog risico gebieden; handschoenen van aramide of kevlar vezels gebruiken).
    • Schoeisel met ondoordringbare zolen (S3 voor schoenen en S5 voor laarzen)
    • Huid bedekkende werkkleding.
    • Signaalkleding.
  • Zorg voor schone en goed onderhouden persoonlijke beschermingsmiddelen.
  • Vervang de persoonlijke beschermingsmiddelen zo vaak als nodig voor goede bescherming.

Drugsspuiten

  • Als medewerkers de opdracht krijgen om spuiten en naalden op te ruimen, zorg er dan voor dat zij naast de beschikbare hulpmiddelen, speciale handschoenen dragen die gemaakt zijn van aramide of kevlar vezels. Deze zijn bestand tegen naalden.
  • Zorg dat dit afval veilig opgeborgen en verantwoord afgevoerd kan worden.
  • Door prikken aan injectienaalden bestaat er een kans op infectie met bijvoorbeeld HIV, tetanus of hepatitis
  • Maak afspraken wat te doen bij prikincident.
  • Ga naar de eerste hulp;
  • Werknemers die in hoog risico gebieden werken, wordt geadviseerd zich te laten vaccineren tegen hepatitis B. Indien de werknemer niet gevaccineerd is, wordt na een prikaccident zo spoedig mogelijk gestart met hepatitis B vaccinatie;
  • Bij prikaccident; laat het wondje eerst goed doorbloeden, maak het schoon met water en desinfecteer het daarna goed met alcohol 70% of chloorhexidine 0,5% in alcohol 70%.
  • Noteer de plaats waar dit prikaccident gebeurde, zit er zichtbaar bloed aan de naald, dan is dat belangrijk voor de risicoschatting. Het heeft geen zin om losse naalden te onderzoeken op hepatitis of HIV;
  • De bedrijfsarts kan u nader adviseren over de toepassing ervan in uw bedrijf.
  • Contact met menselijk poep of urine zonder bloedbijmenging leidt niet tot besmetting met hepatitis of hiv.

Asbest

  • Tussen het afval kan incidenteel asbest zitten.
  • Spreek af dat er bij een vermoeden van asbest overleg gepleegd wordt met de leiding over de verdere handelswijze, waarbij het uitgangspunt is dat zij het materiaal met rust laten.

Meer informatie