Werken op taluds en hellingen

Werken op taluds en hellingen

Goedgekeurd door Sociale Partners
Getoetst door Inspectie SZW

Werken op taluds en hellingen brengt gevaren met zich mee. Als de machine kantelt of wegglijdt, kan de chauffeur bekneld raken of in het water terecht komen. Langdurig werken op een talud of helling kan zorgen voor een scheve houding in de machine. Dit kan lichamelijk belastend zijn voor de chauffeur en andere personen die handmatig apparatuur werken, zoals een tweewielige trekker of een bosmaaier.

Wat is de gewenste situatie?

De machine kantelt niet en glijdt niet weg.

De chauffeur krijgt geen gezondheidsklachten door het werken in een scheve houding.

Maatregelen

Werk met een CE gemarkeerde machine, inclusief documentatie en gebruikshandleiding.

Zorg voor voldoende afwisseling van de werkzaamheden.

Zorg voor een veilige werkmethode en gebruik een voor het specifieke werk geschikte machine.

Werk bij voorkeur vanaf het vlakke deel boven of onder de helling.

Stem de kennis en ervaring van medewerkers af op de gevaren van de omgeving en het werk.

Gebruik de veiligheidsgordel van de trekker of zelfrijdende machine.

Houd rekening met de gewichtsverdeling van de machine om kantelen te voorkomen.

Werk met de maaier of klepelbak aan de hoge kant van het talud.

Werk volgens de instructies en afspraken die in het bedrijf zijn gemaakt.

Houd rekening met verkeer en derden in de omgeving.

Werk niet te dicht bij de slootkant.

Draai met je cabine weg van de sloot bij zwenken.

Voorkom overbelasting van de machine.

Rij de machine bij een storing eerst naar een vlak gedeelte. Zet daarna de motor af.

Meld ernstige of terugkomende storingen aan de leidinggevende. Gebruik een gevaarlijke machine niet meer.

Bij het verlaten van de machine: zet deze, zo mogelijk, op een vlak deel, gebruik de handrem en haal de contactsleutel eruit.

Bij het werken met een tweewielige trekker; zorg dat je niet aan de onderzijde van de machine loopt.

Toelichting op de maatregelen

Organisatie en voorbereiding

  • Beoordeel vooraf hoe het werk op het talud of helling veilig kan plaatsvinden. Bespreek de bijzonderheden met de betrokkenen.
  • Kies een werkmethode waarbij de risico's voor de medewerker(s) en de omgeving beheersbaar zijn. Raadpleeg Veiligheid bij werken langs de weg.
  • Bij werk in de buurt van water; raadpleeg Werken langs of bij het water.
  • Werk bij voorkeur vanaf het vlakke deel boven of onder de helling, bijvoorbeeld met een hydraulische arm. Dit voorkomt een scheve houding. Houd rekening met de bodemgesteldheid van het vlakke deel.
  • Als het werk niet vanaf het vlakke deel boven of onder de helling gedaan kan worden, gebruik een maaitrekker met een laag zwaartepunt of een andere maaimethode en houd dan rekening met:
    • de hellingshoek (deze hangt af van de techniek en de hieronder genoemde factoren);
    • de bodemgesteldheid;
    • de draagkracht van de bodem;
    • kuilen en gaten en andere obstakels;
    • vochtigheid (bij natte bodem bestaat een grote kans op glijden);
    • de begroeiing;
    • de weersgesteldheid en de weersverwachting;
    • de situatie onder aan de helling (verkeer, (on)diep water).
  • Zorg dat storingen opgelost worden als de machine vlak staat. Zie ook Opheffen van storingen aan machines.

Gereedschap, machines en apparaten

 

  • Stel hoge eisen aan machines die ingezet worden bij het werk op taluds of hellingen. Denk o.a. aan;
    • Een goedgekeurde veiligheidscabine, –frame, of –beugel op de machine, ook bij machine met een laag eigen gewicht. Als een machine kantelt blijkt de machinist te vaak bekneld te raken, soms met fatale afloop.
    • Veiligheidsgordel op de zitplaatsen en check of die gebruikt wordt.
    • Laag eigen gewicht;
    • Laag zwaartepunt;
    • Goede balans van de machine of trekker en maaier / maaiarm.
  • Raadpleeg vooraf de gebruikshandleiding van de machine om na te gaan onder welke hellingshoek de machine maximaal mag werken.
  • Voorkom losse spullen in de cabine.
  • Zorg dat er met een machine gewerkt kan worden die vlak staat bij werk op één plek. Soms kan het noodzakelijk zijn om rijplaten te gebruiken om de machine vlak te zetten.
  • Zorg dat een veilige werkwijze toegepast wordt; bijvoorbeeld tijdens het zwenken wordt met de cabine van het water weg gedraaid, zodat de machinist de cabine altijd kan verlaten bij een te water geraakte machine!
  • Zorg voor een life-hammer op een vaste plaats in de cabine.
  • Werk bij maaiwerkzaamheden die niet vanaf het vlakke deel gedaan kunnen worden met:
    • een op afstand bestuurbare maaier
    • of: een vierwielige trekker met laag zwaartepunt
    • of: een tweewielige trekker
  veiligheid fysieke belasting werksnelheid
hydraulische arm met maaier ++ +/- +
op afstand bestuurbare maaier ++ + -
vierwielige trekker met laag zwaartepunt +/- +/- ++
tweewielige trekker +/- - +/-

Overzicht van ingeschatte scores m.b.t. veiligheid, fysieke belasting en werksnelheid bij drie maaitechnieken op taluds

 

Tweewielige trekker met speciale noppen voor taluds


Tweewielige trekker met speciale noppen voor taluds

 

trekker met laag zwaartepunt

 


Trekker met laag zwaartepunt

 

Radiografisch bestuurbare maaier


Op afstand bestuurbare maaier

Opleiding en instructie

  • Zorg dat de machinist / bediener voldoende deskundig is en een aantoonbare instructie heeft ontvangen.
  • Bespreek ongevallen en bijna-ongevallen die in het bedrijf of in de sector hebben plaatsgevonden bij het werken op taluds of hellingen.

Wat u verder nog moet weten

  • Naast het gevaar van kantelen of uitglijden van de machine of trekker, zorgt het lopen of rijden op talud voor een hogere lichamelijke belasting door scheef zitten of lopen. Ook daarom is het aan te bevelen om zoveel mogelijk vanaf de vlakke delen te werken.

Meer informatie