Tillen en dragen

Tillen en dragen

Goedgekeurd door Sociale Partners

Werkzaamheden waarbij medewerkers zich lichamelijk moeten inspannen komen op verschillende plekken voor binnen de groothandel voor groente en fruit. Vooral bij het orderpicken, palletiseren, afstapelen en vullen van machines en kratten is dit aan de orde. Lichamelijke klachten kunnen o.a. ontstaan door het tillen en/of dragen van zware lasten. 

Om het risico te verkleinen kunnen verschillende maatregelen worden getroffen. Denk hierbij aan het voorkomen van zware lasten tillen en dragen, werkprocessen of taakinhoud anders organiseren, het op de juiste wijze inrichten van de werkplek, verstrekken en gebruiken van hulpmiddelen en goede praktische voorlichting en instructie. Dit Arboblad gaat in op de risico's en maatregelen bij tillen en dragen. 

Wat is de gewenste situatie?

De werkgever beoordeelt of tillen en dragen een risico is voor de gezondheid door lichamelijke belasting. 

Het werk en de werkplek is zo ingericht dat tillen en dragen niet tot lichamelijke klachten leidt.

Medewerkers ontvangen een duidelijke en begrijpelijke instructie over de wijze waarop voorkomen wordt dat klachten ontstaan door tillen en dragen. 

Er is toezicht georganiseerd op veilig en gezond werken. 

Maatregelen

Algemeen

  • Beperk tillen en dragen zoveel als mogelijk, zoals door automatisering.
  • Tref maatregelen om de gezondheidseffecten van tillen en dragen te beperken.
  • Beoordeel, als onderdeel van de Risico-inventarisatie en –evaluatie (RIE) veel voorkomende til- en draagsituaties aan de hand van de NIOSH methode of de KIM tool tillen. 
  • Neem tillen en dragen op als onderdeel van het PAGO / PMO. 
  • Geef medewerkers bij het inwerken aantoonbaar voorlichting over de risico’s en preventieve maatregelen die getroffen worden. Leer medewerkers goede til- en draagtechnieken aan met instructies en training. Zorg dat dit altijd een praktijkgedeelte bevat en geef de instructie bij voorkeur op de werkplek. Herhaal de voorlichting en instructie minimaal eens per 3 jaar.
  • De leidinggevende houdt toezicht op een gezonde manier van tillen en dragen door medewerkers aan te spreken bij een ongezonde manier van tillen.

Niveau 1: Bronmaatregelen

  • Beperk tillen en dragen zoveel als mogelijk, bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat materialen direct juist worden aangeleverd, zodat overstapelen wordt voorkomen. 
  • Voorkom dat medewerkers zwaar tillen en dragen en maak waar kan gebruik van kuubskisten of bigbags zodat handmatig tillen en dragen wordt voorkomen. Of door het inzetten van mechanische hulpmiddelen. Gebruik bijvoorbeeld een heftruck, lopende band, elektrische stapelaar, balancer, palletiser, robots en andere til- en/of transporthulpmiddelen. Zorg dat deze materialen regelmatig worden onderhouden zodat ze hun werking niet verliezen en veilig gebruikt kunnen worden. 

Niveau 2: collectieve maatregelen

  • Overleg met leveranciers en klanten over de vorm van aanleveren: hoe hoog gestapeld (stapelen tot bij voorkeur schouderhoogte, maar zeker niet boven 180 cm ), het gewicht van de bakken, dozen, zakken, etc. EN:
  • Richt de werkplek zo in dat er zo min mogelijk hoeft te worden getild en gedragen. Bijvoorbeeld door materialen op de juiste plek en hoogte te laten zetten en de werkplek in te stellen/in te richten op de lengte van de medewerker. Voorkom tillen boven schouderhoogte. Tillen boven 180 cm is in elk geval niet toegestaan. Mogelijke oplossingen hierbij zijn het werken met een tussenpallet of het gebruiken van een opstapbordes (Stapmaat) EN:
  • Denk naast afspraken met leveranciers en klanten aan de mogelijkheid van verdiepte vloeren. EN:
  • Verminder, waar redelijkerwijs mogelijk, het tilgewicht per eenheid. EN:
  • Gebruik rollerbanen voor het aan- en afvoeren van producten om dragen te beperken. EN: 
  • Zorg voor een opgeruimde werkplek zodat deze voldoende ruimte biedt om de til- en draaghandeling uit te voeren. EN:   
  • Zorg dat het til- en draagwerk afgewisseld kan worden met minder fysiek belastende werkzaamheden. Voer hiervoor een inventarisatie uit (met de RIE) en evalueer op afdelingsniveau in welke situatie andere taken gewenst zijn. 

Niveau 3: Individuele maatregelen

  • N.v.t.

Niveau 4: Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Verstrek aan medewerkers veiligheidsschoeisel met anti-slipzolen. Dit, zodat een medewerker beter grip heeft op de ondergrond bij het tillen en dragen. Dit verkleint de kans op ongewenst wegglijden. Daarnaast is het een bescherming voor de voet wanneer er materialen op de voet vallen.   

Toelichting op de maatregelen

  • Voorkom tillen:
    • Door goederen direct op juiste pallet aan te leveren wordt overstapelen of overzetten op de pallets (met een andere afmeting of van ander materiaal) voorkomen. Gebruik een palletwisselaar voor de gevallen waarbij deze afspraak niet gemaakt kan worden.
    • Een automatische dozenvulmachine of dozeninpakmachine neemt het handmatig vullen over. Ook kan een kratten-stapelmachine, waarmee zowel kratjes gestapeld als ontstapeld,kunnen worden, onnodig tillen voorkomen.
  • Beperk de til- en draaghoogte en afstand zo veel mogelijk;
    • Creëer werkhoogten waarbij het werk tussen heup- en schouderhoogte gedaan kan worden. Denk aan een heftafel. Een dergelijke heftafel heeft een in hoogte verstelbaar werkblad (meestal middels een schaarmechanisme) met een hydraulisch/elektrisch  hefmechanisme. 
    • Werk met instelbare werkhoogten/werktafels/rollerbanen, een heftafel (zie afbeelding) of denk aan de mogelijkheid van verdiepte vloeren,
    • Plaats te tillen voorwerpen binnen handbereik, voorkom te ver reiken (meer dan 1 armlengte)
  • Zorg dat objecten goed vastgepakt kunnen worden (ergonomische handvatten).
  • Geef bij voorkeur het tilgewicht aan op het object (in kg of met een kleur rood/oranje/groen).

Afbeelding: Heftafel

​​​Beoordelen van de til- en draagsituaties

  • Voor de beoordeling van tilsituaties is de NIOSH-methode de meest toegepaste en volledige methode. De NIOSH-methode kijkt naast het gewicht van het voorwerp, ook naar de omstandigheden waaronder de last wordt verplaatst. Zoals de frequentie, de afstand van de verplaatsing, de hoogte tot de vloer en de draaiing van het lichaam. Op basis van deze gegevens berekent de NIOSH-methode het maximale tilgewicht. Maximaal is dat 23 kilo, maar bij niet-optimale omstandigheden zal dat dus lager zijn. De NIOSH methode kan alleen gebruikt worden onder volgende voorwaarden: men kan de houding vrij kiezen, met twee handen tillen, normale temperaturen en tillen met een gecontroleerde snelheid. Voor situaties die niet voldoen aan deze voorwaarden levert de NIOSH methode immers te hoge grenswaarden. 
  • Voor het beoordelen van til- en draagsituaties kan ook de KIM tool worden gebruikt. Deze tool is meer geschikt voor het vasthouden en dragen van lasten. 
  • Is er sprake van situaties waarin alleen de armen en handen, worden gebruikt (< 3 kg) is de HARM methode meer geschikt. 
  • Voor dragen (lopen met een last) geldt het volgende:
    • het maximale draaggewicht is 20 kilo (bij tweehandig dragen) en 10,5 kilo bij éénhandig dragen
    • het maximale draaggewicht wordt verminderd bij grotere afstanden, bij ongunstige werkhouding en bij een hoge frequentie.
  • Voer periodiek een herbeoordeling van de til- en draagsituatie uit. Zorg bij veranderingen in het werkproces en/of de werkplekinrichting altijd voor een herbeoordeling. 

Checklist voor de dagelijkse praktijk

Print alleen de checklist

Aandachtspunten met betrekking tot bijzondere groepen

Zwangeren

Voor zwangere vrouwen of vrouwen die borstvoeding geven is het verboden om:
•    dagelijks meer dan eenmaal per uur te hurken, knielen, bukken of staande voetpedalen te bedienen tijdens de laatste drie maanden van de zwangerschap;
•    meer te tillen dan 10 kilogram in één handeling gedurende de hele zwangerschap en in de periode tot drie maanden na de bevalling;
•    meer dan 10 keer per dag gewichten van meer dan 5 kilogram te tillen vanaf de twintigste week van de zwangerschap; of
•    meer dan 5 keer per dag gewichten van meer dan 5 kilogram te tillen vanaf de dertigste week van de zwangerschap.

Daarnaast geldt dat maatwerk van toepassing is voor de zwangere medewerker gedurende de verschillende stadia van de zwangerschap. Inventariseer welke werkzaamheden belastend zijn voor zwangere medewerkers en bespreek de risico’s met betrokkene(n). Zorg dat hierover een gesprek plaatsvindt tussen medewerker en leidinggevende en dat afspraken worden gemaakt en nagekomen. Op verzoek van medewerker kan ook de bedrijfsarts voor een informatief/preventie consult geraadpleegd worden.

Anderstaligen Bied instructie en voorlichting in meerdere talen aan. Pictogrammen kunnen hierbij een visuele ondersteuning geven.
Jongeren •    Kinderen (< 16 jaar) mogen geen lasten tillen die zwaarder zijn dan 10 kilogram
•    Jeugdigen (16 en 17-jarigen) tillen geen lasten zwaarder dan 15 kg

Relevante wetgeving

 

  1.  Fysieke belasting (Arbobesluit artikel 5.1 t/m 5.6).
  2. Aanvullende maatregelen voor zwangere werknemers en/of medewerkers die borstvoeding geven (Arbobesluit artikel 5.13a).
  3. Persoonlijke beschermingsmiddelen (Arbobesluit artikel 8.1. t/m 8.3)
  4. Art. 7 Arbeidsbesluit jeugdigen BES Artikel7 Arbobesluit Jeugdigen Tillen
  5. Nadere Regeling Kinderarbeid Artikel 2.e nadere regeling kinderarbeid

Meer info 

 

  • Arbo Informatieblad 29: Fysieke belasting
  • Beoordelen van tilsituatie met de NIOSH methode
  • Beoordelen van draag- (en til)situatie KIM tool 

< Terug naar sectorpagina