Takkenversnipperaar

Takkenversnipperaar

Goedgekeurd door Sociale Partners
Getoetst door Inspectie SZW

Werken met een takkenversnipperaar brengt grote gevaren met zich mee, zoals;

  • draaiende delen die het hout naar binnen trekken, waarbij intrekgevaar voor personen bestaat;
  • wegslaande takken en spaanders bij de invoertrechter;
  • wegvliegende delen die de afvoerpijp met grote snelheid verlaten.

Wat is de gewenste situatie?

De werkplek en werkomgeving zijn zo veilig en gezond mogelijk.

De takkenversnipperaar is veilig en wordt conform de gebruikshandleiding gebruikt en onderhouden.

De medewerkers zijn voldoende deskundig en aantoonbaar geïnstrueerd.

De leiding houdt toezicht op de gemaakte afspraken.

Maatregelen

Werk met een CE-gemarkeerde machine, inclusief documentatie en gebruikshandleiding.

Zorg dat de kennis en ervaring van medewerkers is afgestemd op de gevaren van het werk en de omgeving.

Zorg dat medewerkers een aantoonbare instructie hebben ontvangen.

Gebruik de voorgeschreven persoonlijke beschermingsmiddelen.

Heb ik aantoonbaar instructie gehad voor dit werk?

Heb ik een telefoon bij me voor noodgevallen?

Weet ik bij wie incidenten en storingen gemeld moeten worden?

Beschik ik over veilige en onbeschadigde en goedgekeurde apparatuur?

Werkt de veiligheidshendel goed?

Werken we met minimaal twee medewerkers bij deze machine?

Kan ik in deze omgeving veilig werken?

Zijn omstanders op veilige afstand? (minimaal 15 meter)

Draag ik mijn persoonlijke beschermingsmiddelen zoals is afgesproken?

Is mijn signaalkleding schoon, niet vaal, heel en reflecteert het nog?

Eén keer nee? Bel je leidinggevende! (als je het zelf niet kunt oplossen)

Goed en fout

GOED
Goed
Juiste invoerplaats
FOUT
Fout
Onjuiste invoerplaats

Toelichting op de maatregelen

Organisatie en voorbereiding

  • Beoordeel de werkplek vooraf op veiligheid en stem de inzetbaarheid van mens en machine daarop af. Denk ook aan plaatsen waar takken in contact met hondenpoep of andere verontreinigingen komen en neem maatregelen.
  • Maak afspraken met de opdrachtgever of wegbeheerder over het markeren, afzetten of afsluiten van de werkomgeving. Check of passende maatregelen zijn genomen. Kijk op Veiligheid bij het werken langs de weg.
  • Voorkom struikelgevaar. Zorg voor voldoende ruimte rond de machine.
  • Vermijd het gevaarlijke gebied voor de invoertrechter. Voer de takken op een veilige plek in. Gebruik voor de invoer van takken zo mogelijk een kraan.
  • Pas op terugslag van hout. Vooral zware stukken en lange takken kunnen gevaarlijk zijn. Bij machines met een rechtsomdraaiend vliegwiel met snijsysteem hebben de takken de neiging om naar rechts te slaan. Ga daarom links van de invoertrechter staan.
  • Kom nooit met handen of voeten in de geleidebak of trechter. De takresten worden bij een volgend gebruik vanzelf naar de messen getrokken en verwerkt.

Gereedschap, machines en apparaten

  • Zorg voor een CE-gemarkeerde takkenversnipperaar. Laat oudere machines beoordelen door een veiligheidskundige en eventueel aanpassen.
  • Onderhoud de machine conform de gebruikershandleiding.
  • Controleer voor elk gebruik altijd de werking van de veiligheidshendel! Deze moet met geringe kracht te bedienen zijn.
  • Controleer ook de overige in de gebruikshandleiding genoemde punten. Zorg dat elk defect direct gemeld wordt aan de leidinggevende. Het is bijzonder gevaarlijk om een onveilige machine te gebruiken.
  • Zorg dat bij een aftakas-aangedreven machine de aftakas volledig beschermd is. (Zie ook aftakas.)
  • Laat minimaal jaarlijks een veiligheidskeuring door een deskundige uitvoeren.
  • Bij onderhoud en het opheffen van storingen: schakel de machine uit, zet de motor af en haal de contactsleutel er uit. Begin pas als de machine volledig stilstaat en uitgedraaid is. Let op: de messen van de machine kunnen lang blijven draaien. Kijk op Machineveiligheid Algemeen.

Opleiding en instructie

  • Zorg dat de medewerkers voldoende deskundig zijn door opleiding, training of instructie.
  • Geef medewerkers aantoonbaar instructie over de gevaren van het werk en over de te nemen maatregelen.
  • Doe dit in begrijpelijke taal en ga na of men het begrijpt.
  • In de instructie moet minimaal het volgende aan de orde komen  (staat ook in de bijlage die je kan printen):
    • De gevaren van het werken met de takkenversnipperaar, zoals;
      • draaiende delen die het hout naar binnen trekken, waarbij intrekgevaar voor personen bestaat;
      • wegslaande takken bij de invoertrechter;
      • wegvliegende delen die de afvoerpijp met grote snelheid verlaten
      • gevaar voor de omgeving
    • Altijd met twee mensen bij deze machine werken.
    • Hoe die gevaren beheerst kunnen worden.
    • Controle van de werking van de veiligheidshendel voor elk gebruik.
    • Controle van andere delen van de machine, zoals de aftaktussenas.
    • Keuringsdatum van de machine.
    • Verbod om met de machine te werken als de beveiligingen niet in orde zijn. Machineveiligheid.
    • Hoe je voorkomt dat takken tegen het lichaam slaan.
    • Terugslag van hout. Vooral knoestig hout kan gevaarlijk zijn. Ook lange takken kunnen met grote snelheid wegzwiepen. Dat hangt mede af van het snippersysteem. Bij machines met een rechtsom draaiend vliegwiel met snijsysteem zullen de takken de neiging hebben om naar rechts te slaan.

 

 

  • Ga daarom niet midden achter, maar links van de invoertrechter staan.
    • Overleg met de zager voor takken die niet te groot, te zwaar of moeilijk in te voeren zijn, voor:
      • niet te veel weerstand bij het slepen,
      • veilig in te kunnen voeren,
      • takken die gemakkelijk opgepakt kunnen worden door de invoerrollen en
      • het voorkomen van storingen en gevaarlijke situaties.
    • Invoer van takken van een acceptabele grootte, zodat het slepen in invoeren fysiek niet te zwaar wordt.
    • Zaag takken in een vorm die gemakkelijk door de invoerrollen opgepakt worden, dit voorkomt invoerstoringen; overleg met de zager.
    • Alleen snoeihout invoeren. Stenen, metalen of andere dingen mogen nooit in de takkenversnipperaar terecht komen, omdat het bijzonder gevaarlijk is en de machine zwaar kan beschadigen.
    • Takken nooit terug trekken!
    • Geen handen of voeten in de invoertrechter of geleidebak. Resten van takken of bladeren worden bij een volgend gebruik vanzelf naar de messen getrokken en verwerkt.
    • Hout met doornen of knoestig hout verhoogt het intrekgevaar.
    • Storingen alleen opheffen als de machine is uitgeschakeld en uitgedraaid is. Dit kan even duren. Haal de sleutel uit het contact, zodat de machine niet onverwacht opgestart kan worden.
    • Ruimte rondom de machine vrij houden om struikelgevaar te voorkomen; takken die in de buurt van de machine liggen direct opruimen.
    • Voorbeelden van ongevallen en bijna-ongevallen bespreken om van te leren.
    • Afspraken over het niet gebruiken van alcohol en drugs.
    • Melden als er medicijnen gebruikt worden die de reactiesnelheid kunnen beïnvloeden
    • Effectief afzetten van onveilig gebied. Dit is afhankelijk van de omgeving waar gewerkt wordt.
    • Als personen binnen een gevaarlijke afstand kunnen komen, aanvullende maatregelen afspreken.
    • Houd rekening met verkeer en derden in de omgeving. Maak afspraken met de opdrachtgever of wegbeheerder over het markeren, afzetten of afsluiten van de werkomgeving en wat passende maatregelen zijn. Zie ook Veilig werken langs de weg
    • De machine nooit onbeheerd laten draaien.
    • Contactsleutel uit de machine halen als er geen direct toezicht is.
    • Werkwijze bij het schoonmaken van de machine.
    • Wat te doen als gevaren afwijken van wat normaal of afgesproken is.
    • De gebruikershandleiding van de machine ook bij de instructie betrekken.
    • Toezicht op medewerkers die nog ervaring op moeten doen en/of jeugdigen.
    • Gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals hieronder vermeld.
    • Je leidinggevende informeren over terugkerende storingen of defecten van de machine.
    • Checklist dagelijkse praktijk, zoals hierboven (in deze arbocatalogus) omschreven.
  • Check of men de instructie begrepen.
  • Zie erop toe dat jeugdigen (16 en 17 jaar) alleen onder deskundig toezicht werken. Meer informatie in de arbocatalogus "Jongeren".

Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Gebruik altijd gehoorbescherming.
  • Gebruik oog- of gelaatsbescherming.
  • Draag glad afgewerkte en nauwsluitende kleding, bij voorkeur een snipperoverall. Deze is ook verkrijgbaar met zaagbeveiliging in de broekspijpen (voor als ook gezaagd wordt) en ook in combinatie met signaaluitvoering (als langs de weg gewerkt wordt).
  • Draag nauwsluitende handschoenen en veiligheidsschoenen of veiligheidslaarzen.
  • Draag een helm als er kans is op wegzwiepende of vallende takken.
  • Draag schone, niet vale en hele signaalkleding bij werken in de openbare ruimte.
  • Bespreek het met de leidinggevende als persoonlijke beschermingsmiddelen niet comfortabel zitten, verouderd of defect zijn.

Meer informatie