Gedrag fokrammen

Gedrag fokrammen

Het gedrag van fokrammen kenmerkt zich door het moeilijk benaderbaar zijn en het snel overgaan tot het uitdelen van kopstoten aan indringers. Met name voor kinderen en bejaarden kan dit tot onveilige situaties leiden.

Wat is de gewenste situatie?

Bij het aanhouden van fokrammen moet de veiligheid voor derden/omstanders en eigen gezinsleden zo goed mogelijk behartigd zijn.

Maatregelen

Houd geen fokrammen in openbare (natuur)gebieden.

Gebruik voor het drijven van de koppel met fokrammen een hond.

Houd kinderen en ouderen/bejaarden uit de buurt van de koppel met fokrammen.

Plaats op de toegangshekken grenzend aan de openbare weg bij aanwezigheid van rammen in de koppel een bord met "VERBODEN TOEGANG".

Scheid direct na de dektijd de fokrammen van de kudde.

Loop niet alleen in het land en houd altijd minstens 25 meter afstand tot de dieren.

Loop bij het tellen langs de sloot (vluchtroute).

Neem een stuk slang of stok mee bij het uitvoeren van tellingen.

Draag goed passend schoeisel.

Toelichting op de maatregelen

  • Houd fokrammen opgehokt.