Dodelijke ongevallen
Stigas verzamelt al sinds jaar en dag informatie over ongevallen in agrarische en groene sectoren, om ook op die manier in de gaten te houden wat er kan gebeuren en waar mogelijk extra aandacht aan besteed moet worden. Bij het verzamelen vallen soms dingen op en die zetten je aan het denken.
Twee maanden geleden publiceerden we een bericht over het zorgwekkend hoge aantal dodelijke ongevallen in 2025 in de agrarische en groene sectoren. Voor zover wij weten gaat het om 20 slachtoffers. Maar waarschijnlijk is dat niet het hele verhaal. Niet alle dodelijke ongevallen worden zichtbaar. Niet elk slachtoffer haalt het nieuws. En wie pas na dagen of weken overlijdt, verdwijnt vaak uit de statistiek alsof het minder erg is. De harde realiteit: we weten het niet eens precies. En dat is al een probleem op zich.
Helaas verzamelt de Nederlandse Arbeidsinspectie alleen ongevallen met werknemers. Juist in onze sectoren, met meewerkende ondernemers en familieleden, zijn ook vaak niet-werknemers het slachtoffer. Dodelijk slachtoffer.
Afgelopen week kwam ik een Brits artikel tegen over precies hetzelfde onderwerp. Andere cijfers, zelfde verhaal. Britse sectororganisaties zeggen letterlijk wat wij hier ook steeds herhalen:
Het is schokkend. Het is zorgwekkend. Het is te veel. En achter elk dodelijk slachtoffer zit een gezin, een bedrijf en een gemeenschap die nooit meer hetzelfde is.
En toch blijft de reflex vaak hetzelfde: “de agrarische en groene sectoren zijn nu eenmaal gevaarlijk.” Alsof dat een verklaring is. Of een excuus.
Waar gehakt wordt, vallen spaanders. Toch?
NEE!
Dat is geen natuurwet. Dat is gemakzucht.
Dezelfde patronen
Als je naar de ongevallen in Nederland en Groot-Brittannië kijkt, zie je steeds dezelfde patronen:
Slachtoffers die:
- worden aangereden
- onder kantelende machines terechtkomen
- gegrepen worden door draaiende delen
- van hoogte vallen
- worden geraakt door vallende objecten
- of ernstig verwond raken door dieren
Dit zijn geen mysterieuze ongelukken. Dit zijn voorspelbare scenario’s. En dus ook: voorkombare scenario’s.
Want eerlijk is eerlijk: zelden zie je iets waarvan je denkt “dit kon echt niemand zien aankomen”. Integendeel. Vaak kun je het voorspellen.
Keuzes
En toch gaat het mis. Niet door pech. Maar door keuzes. Er is een patroon dat steeds terugkomt:
- Dingen worden niet of half georganiseerd
- Afspraken zijn vaag of bestaan niet
- Veiligheidsmaatregelen worden genegeerd
- En als het “al jaren goed gaat”, verdwijnt voorzichtigheid
Tot het moment dat het niet meer goed gaat.
En dan volgt de bekende zin: “Het was een stom ongeluk… we hadden beter moeten opletten.”
Maar dat is te makkelijk.
Want in de meeste gevallen ging het al fout vóór het ongeluk. In de organisatie. In de afspraken. In het niet nemen van vaak eenvoudige maatregelen.
In 2024 waren er ‘slechts’ 4 dodelijke ongevallen. In 2022 ‘maar’ 5. Dus ja: het kan wél anders. Het kan veel lager. De vraag is niet of dat kan. De vraag is waarom we accepteren dat het nu nog niet zo is. Want we weten wat er misgaat. We zien de patronen. We kennen de oorzaken. Dus de echte vraag is: Hoeveel doden zijn we eigenlijk nog van plan te accepteren?
En jij?
- Blijf je denken dat het jou niet overkomt?
- Of ga je eindelijk doen wat je al lang weet dat nodig is: organiseren, afspraken maken en veiligheidsmaatregelen écht naleven voordat je begint?
Vragen?
Heb je vragen of wil je tips over een ander onderwerp? Neem contact op met Peter Tamsma.

Stigas